4. “Little Korea”

Di sini Jakarta (4)
(april 2008)

Mijn huis staat in Kebayoran Baru, in Senopaty, naast Block S., een relatief rustige en redelijk goed beveiligde middenklasse wijk. De Pos Satpam staat op 50 meter van mijn huis. De wijk staat ook wel bekend als “Little Korea”, omdat er in deze buurt veel Koreanen wonen en werken. Voornamelijk middenstanders, die de kost verdienen met een eigen zaak. Restaurants, apotheken, klinieken, massagesalons, supermarkten etc.

Deze groep zorgt in principe voor zichzelf en draagt in positieve zin bij aan de ontwikkeling van dit stukje Indonesia. Er zijn naar schatting 70.000 Koreanen in Jakarta en in deze wijk wonen er ongeveer 5.000.

Het is hier prettig wonen. Voor Jakartaanse begrippen is het hier een oase van rust: geen files voor de deur, geen chaotische toestanden en geen last van overstroming.

De regentijd loopt op zijn eind. Geen heel zware buien meer. Eigenlijk wel jammer, want ik vond het prettig om tijdens de buien, lekker droog, in de voorgalerij te zitten en te genieten van het donderend geraas van de regen. En dat bij een temperatuur van 25 graden Celsius. Het enige nadeel is dan, dat veel straatventers, tijdens de zwaarste buien, beschutting tegen de regen zoeken en ik niet in staat ben om “voor de deur” een lekker hapje tussendoor te kopen.

Volgens mijn vrouw heb ik het concept van het hebben van ‘pembantu’s’ (bediendes) nog niet helemaal begrepen. Dat kan kloppen. Het is voor mij een totaal nieuw fenomeen. Ik ben er nu eenmaal niet aan gewend om wakker te worden in een woning die al helemaal aan kant is. Een woning waar de ramen en deuren al open staan en waar Bibi, 5 minuten nadat ik uit mijn bed ben gevallen, alweer bezig is met het op orde brengen van de slaap- en badkamer. Een woning waar Erna dan al bezig is met de voorbereidingen voor het eten en waar onze chauffeur Firman, de auto weer eens staat te poetsen. Ik voel me er nog regelmatig opgelaten over. Als ik zelf een eitje wil bakken, komt Bibi met een vragende blik naar beneden rennen. “Dat kan ik toch doen?” vraagt ze me …

Ik weet het, ik moet nog veel leren.

Glenn Abels