15. Vriendschap

Di sini Jakarta(15)

Soms lacht het leven je toe en ontmoet je een medemens met wie je de rest van je leven een band hebt. Niet zomaar iemand, maar een geestverwant die open staat voor levensbeschouwelijke opvattingen. Ik heb het voorrecht gehad zo iemand te leren kennen.

Ik heb een hele goede vriend. Zo iemand die je altijd door dik en dun zal steunen. Een zeldzaam soort homo sapiens. Hij heet Rob Reissner en heeft zijn jeugd doorgebracht in Papua Nieuw Guinea. Later, veel later, bracht het lot ons bijeen en werden we collega’s bij een grote Nederlandse bank. Toen ik hem leerde kennen was hij al een vakspecialist op het gebied van internationaal betalingsverkeer, en ik nog een groentje. Hij sloeg zijn vleugels om mij heen en bracht me alles bij wat ik nodig had om mezelf als vakspecialist te kunnen manifesteren. Gezien mijn aanvankelijk geringe kennisniveau, heeft hij daar diverse jaren in moeten investeren.

Ik ben hem daar heel dankbaar voor. Zonder zijn inbreng zou ik me nooit hebben kunnen ontwikkelen tot de vakspecialist die ik uiteindelijk ben geworden. Dankzij de eindeloze theoretische discussies die we soms over het vakgebied voerden, waren we in staat om ‘boven onszelf uit te groeien’ en een uiterst gedegen kennis van het vakgebied op te doen.

Ik heb zijn Indische vrouw Peggy leren kennen als een hele lieve, mooie en zorgzame echtgenote. Zijn zoon ‘Boenkie’ was en is een vrijbuiter, die volop van het leven geniet. Het was een gezinnetje waar ik jaloers op was. Na het overlijden van mijn zoon Michael hebben zij me steun geboden. Ik herinner me dat ik Peggy soms midden in de nacht belde als ik het te kwaad kreeg.

Helaas zijn Gods wegen ondoorgrondelijk en neemt hij soms de liefste mensen als eerste tot zich. Zo ook Peggy. Ik herinner me nog als de dag van gisteren dat Rob me vertelde dat ze kanker had en dat ze behandeling nodig had. Ik begreep dat ze na een maand of negen klaar zou zijn met de behandeling. Ik was zo dom om te veronderstellen dat dit betekende dat ze na negen maanden behandeling, genezen zou zijn. Toen Rob me duidelijk maakte dat ze na het einde van de behandeling zou komen te overlijden, was het alsof er een bom bij me insloeg. Zo had ik het echt nooit begrepen. Toen het zover was, ging het helaas zo slecht met mezelf, dat ik door mijn zuster in huis moest worden genomen. Ik kon nauwelijks meer voor mezelf zorgen. Als gevolg daarvan heb ik het aan mijn eigen huisadres gerichte, overlijdensbericht van Peggy pas weken later gevonden. Ik schaamde me diep voor het feit dat ik er de afgelopen weken niet voor mijn vriend was geweest. Op mijn beurt had ik er voor hem moeten zijn.

Naarmate de weken verstreken werd het steeds moeilijker voor me om contact met hem op te nemen. Wat moest hij wel niet van me denken? Aan de andere kant had ik het nog steeds ontzettend moeilijk met mezelf. Ik wist ook niet of ik in staat was om opnieuw de confrontatie met de dood aan te gaan. Uiteindelijk heeft het een aantal jaren gekost, voordat ik in staat was contact op te nemen. Tot mijn grote opluchting bleek de vriendschap tussen ons nog steeds te bestaan. Geen verwijten, geen boosheid. Wederzijds begrip heeft de mogelijkheid geboden om vandaag de dag weer regelmatig contact te hebben. Zoals gebruikelijk kunnen we het erover eens worden dat we het niet over alles met elkaar eens hoeven te zijn, zonder dat dit enige afbreuk doet aan onze vriendschap.

In de wereld waar wij vandaag de dag leven zou dit een fantastische basis bieden voor een vreedzaam bestaan. Leven en laten leven. Helaas … De realiteit is anders. In het Indonesia anno 2009, heb ik dagelijks te maken met kleine en grote geschillen op het gebied van politiek en religie. Tot mijn grote ontsteltenis eindigt elke discussie met de vraag: “hoeveel geld heb je ervoor over?”. Indonesia heeft het beste rechtssysteem dat “voor geld te koop is”.

Afgelopen maand hebben hier de parlementaire en regionale verkiezingen plaatsgevonden. Ruim 11.000 kandidaten voerden campagne voor 550 – financieel heel interessante – parlementaire zetels. Ruim 11.000 kandidaten, die bereid waren hun eigen huis en haard en dat van hun familie te verpanden en enorme schulden aan te gaan om hun campagne te financieren. Nu een groot deel van de stemmen is geteld, beginnen de psychiatrische klinieken vol te lopen met verliezende kandidaten die zich beginnen te realiseren dat ze werkelijk alles kwijt zijn. Ze hebben gegokt … en verloren.

Jammer genoeg heb ik er moeite mee de verkiezingen hier serieus te nemen. Een flink aantal capabele en serieuze parlementariërs moet nu het pand verlaten om plaats te maken voor meer ‘populaire’ kandidaten uit het artiestenvak. Zangers, zangeressen, tv presentatrices, soapacteurs …. etc. Mensen zonder enige ervaring op het politieke vlak, die het wel leuk vinden voor hun status om overdag politicus te spelen.

Voor mijn vriend Rob is Indonesia niet meer wat het was. Ik ben het, bij wijze van uitzondering, helemaal met hem eens. Zijn Indië van toen, het Indië van onze ouders en voorouders, bestaat niet meer.

Glenn Abels